top of page

Visuele screening

Een visuele screening laat toe om te bepalen of er een relatie is, en hoe sterk die relatie is, tussen visuele dysfuncties en lees- en leerproblemen.

Een visuele dysfunctie is niet hetzelfde als slechte ogen hebben!

"Kijken" doe je met je ogen, maar "zien" doe je met je hersenen!  

In de hersenen wordt de informatie, die via de ogen binnenkomt, verwerkt en opgeslagen.  

Wanneer in dat proces een fout optreedt, spreekt men van een visuele dysfunctie.

Dus lees- en leerproblemen en ook bepaalde lichamelijke klachten kunnen te wijten zijn aan deze visuele dysfuncties. 

Vaak wordt er, ten onrechte, gesproken van dyslexie wanneer er eigenlijk visuele problemen aan de basis liggen. 

De verschijnselen van dyslexie en visuele problemen lijken erg op elkaar. 

Belangrijk om te weten is dat bij een visuele dysfunctie, in tegenstelling tot dyslexie, wél een verbetering kan verkregen worden.

Visuele screening is aangewezen bij kinderen met kenmerken als:

  • lees- en leer- en concentratieproblemen:

    • snel lezen met steeds meer fouten

    • langzame lezers

    • niet kunnen stilzitten tijdens het lezen

    • hekel hebben aan lezen en stillezen ontwijken

    • moeite hebben met navertellen van wat er gelezen werd

    • omdraaien van letters, cijfers en getallen

  • hoofdpijn (boven de wenkbrauwen), nekpijn

  • jeukende en/of droge ogen

  • vermoeidheid na visuele inspanning

  • slordig handschrift:

    • boven of onder de lijn schrijven

  • slechte oog-handcoördinatie

  • ​motorisch houterig of onhandig

  • ​evenwichtsproblemen 

  • zeer beperkt ruimtelijk inzicht

  • moeite hebben met afstand schatten en snelle bewegingen

Tijdens de visuele screening wordt er gekeken naar visuele vaardigheden, zoals:         

  • diepte-perceptie,

  • volgbewegingen van de ogen,

  • snelle oogbewegingen,

  • perifeer zicht,

  • oog-hand-coördinatie

Om goed te kunnen lezen en leren is het noodzakelijk dat deze visuele vaardigheden optimaal ontwikkeld zijn.

Er wordt ook gescreend op primaire reflexrestanten, gezien de oogsamenwerking hier ook afhankelijk van is. 

Het automatisch besturingssysteem van de mens wordt gevormd door de primaire reflexen. 

Deze reflexen zijn nodig voor het ontwikkelen van het centraal zenuwstelsel zodat de zintuigen en de motoriek steeds beter wordt aangestuurd.

Na het eerste levensjaar zijn de meeste reflexen geïntegreerd en worden ze overgenomen door de posturale, levenslange, reflexen. 

Die integratie loopt echter niet altijd zoals het zou moeten, waardoor primaire reflexen actief blijven.  

Deze primaire reflexen kunnen, indien ongeremd aanwezig, de bewegingscontrole, oogfunctionering, oog-handcoördinatie, evenwicht en waarnemingsvermogen, en alles wat daar mee samenhangt, vertragen of hinderen.​

IMG_0582.JPG
bottom of page